HISTORISCH NIEUWS

Mannenmode 1941.
1941 - SCHAARSTE IN EERSTE OORLOGSJAAR
Geplaatst op 02/2012

Holzmuller, woonachtig in Alkmaar, is de steun en toeverlaat voor Willem Nordemann. De secretaris van de raad van commissarissen komt wekelijks in de winkel in de Langestraat en houdt president-commissaris Avis nauwgezet op de hoogte van de situatie in Alkmaar. In maart 1941 meldt Holzmuller dat de directeur het voorgaande jaar weliswaar een behoorlijke voorraad stoffen en confectie heeft ingekocht, maar dat nu de schaarste toch wel merkbaar wordt. De bruto-omzet is in het eerste oorlogsjaar fl.116.300,-. Nordemann heeft dus zijn weddenschap met Avis om een sigaar gewonnen.

Coupeur Bakker komt weer in volle dienst. In juli meldt de Boerenleenbank te Hoogkarspel dat de schuld aan de bank is afgelost en de geldkraan weer open gaat voor het kledingmagazijn. Commissaris Avis is door een ernstige ziekte steeds vaker afwezig bij de vergaderingen. Zijn zoon Johan Hendrik heeft inmiddels een groot deel van het aandelenpakket van vader overgenomen. Avis junior vervangt regelmatig zijn vader binnen de raad van commissarissen.

Korte tijd later treedt Avis senior terug als president-commissaris. In september 1941 krijgt directeur Nordemann van Avis Sr. een ‘grafische voorstelling’ van zijn succes en werk gedurende al de voorgaande jaren dat hij leiding gaf aan het bedrijf. Nordemann kan het niet laten een correctieoverzicht terug te sturen van de omzetten in Alkmaar en Hoorn. Over de periode 1920-1938 is in Alkmaar fl.887.850,- meer verkocht dan in Hoorn. De omzet in 1941 is in september al het dubbele van het jaar 1939. Waarvan akte.

De afwikkeling met mevrouw de weduwe Spaander-Visser sleept zich nog steeds voort. De meningsverschillen gaan nu over meubilair en kleding dat terecht of onterecht door de weduwe privé in gebruik is.

Inmiddels is Cornelis Stapel, zoon van de overleden Pieter Stapel Cz. en schoonvader van Willem Nordemann, benoemd tot commissaris in de plaats van zijn vader.


De zaak van Louis Frankenberg.
LANGESTRAAT KRONIEK

1941

 

*In de Langestraat zijn talrijke winkels die zijn opgericht door Joodse ondernemers. De angst onder deze bevolkingsgroep slaat langzaam maar zeker toe. Weinigen bevroeden de gevolgen van de ‘onschuldige’ oproep aan Joden in de zomer van 1940 op het stadhuis het aantal Joodse grootouders te melden. Kerkelijke- en andere Joodse verenigingen moeten hun bezittingen opgeven. Begin 1941 bezoeken bezetters openbare gelegenheden in de Langestraat en verzoeken de uitbaters Joden de toegang te weigeren. De eerste bordjes met de tekst ‘Toegang voor Joden verboden’ verschijnen. De Joodse winkeliers in de Langestraat krijgen bericht dat ze niet mogen verhuizen. Voor 30 april moeten zij hun radio inleveren. Langzaam sluit zich het net.

*Louis Frankenberg, boekhandelaar van Joodse huize, haakt in op het verbod van de Duitsers na 15 november 1941 op het laten drukken van visitekaartjes. Op 27 oktober plaatst de boekhandelaar een advertentie met de oproep, nu het nog kan, tijdig kaartjes bij hem te laten drukken.

*Eind mei wordt bekend dat de burgerij van Amersfoort, als bewijs van dankbaarheid voor de genoten gasvrijheid in de meidagen van 1949, een gedenkraam zullen aanbieden voor het Alkmaarse stadhuis. Ruim 17.000 evacués uit de keistad vinden een tijdelijk onderkomen in Alkmaar.

*C. Hofstede opent begin april een winkel waar gezondheidsartikelen worden verkocht. Van gezondheidscorsetten tot en met hoogtelampen. Ook worden er scharen en messen geslepen. Kõster breidt de kledingzaak uit met het naastliggende pand.

Iedere maand publiceert Hans Koolwijk een pagina met geschiedenis van Spaander Mannenmode.
Reageren, of weet je misschien ook iets over Spaander geschiedenis mail ons op info@spaandermode.nl

« terug naar overzicht